Belasting voor lokale ZZP'ers

Pensioen opbouwen als ZZP'er in een kleine gemeente: wat zijn je opties?

Hendrik Janssens Hendrik Janssens
· · 6 min leestijd

Je bent ZZP'er in een kleine gemeente. Je draait je hand niet om voor klanten, je kent iedereen, en je leven draait om je werk.

Inhoudsopgave
  1. Waarom pensioen opbouwen als ZZP'er anders werkt
  2. De AOW: je basis, maar niet genoeg
  3. Optie 1: lijfrente — de klassieker
  4. Optie 2: beleggen via een beleggingsrekening
  5. Optie 3: de banksparen als veilige buffer
  6. Optie 4: pensioen via een stamrechtpolis
  7. Optie 5: je bedrijf als pensioeninstrument
  8. Concreet voorbeeld: ZZP'er in Vlissingen
  9. Begin vandaag, niet morgen

Maar stel je eens voor: over twintig jaar stilzitten met een kop koffie en niets te doen. Klinkt fijn, toch? Alleen, wie zorgt ervoor dat die kop koffie er ook écht is? Als ZZP'er krijg je géén werkgeverspensioen.

Je bent zelf verantwoordelijk. En laten we eerlijk zijn: pensioenopbouw staat vaak laag op de prioriteitenlijst als je elke dag worstelt om de rekeningen te betalen.

Maar hier het nieuws: het is makkelijker en toegankelijker dan je denkt. Zelfs in een kleine gemeente. Zelfs met een onvoorspelbaar inkomen. Laten we erin duiken.

Waarom pensioen opbouwen als ZZP'er anders werkt

Als werknemer wordt er automatisch een deel van je salaris ingehouden voor je pensioen. Bij een ZZP'er? Niks.

Geen werkgever die meebetaalt. Geen ABP of Pensioenfonds Zorg & Welzijns dat voor je regelt. Jij bent het pensioenfonds.

Dat klinkt eng, maar het geeft juist vrijheid. Je bepaalt zelf hoeveel je inlegt, waar je het inlegt, en wanneer je het opneemt.

De AOW van de overheid is een basis, maar die is niet genoeg om comfortabel van te leven.

In 2050 is de AOW-leeftijd al 67 jaar en drie maanden, en wie weet waar die dan staat. Dus: aan de slag.

De AOW: je basis, maar niet genoeg

De Algemene Ouderdomswet (AOW) is het eerste gedeelte van je pensioen. Je bouwt dit op door in Nederland te wonen en werken.

Voor iedere verzekerde jaar krijg je 2% van het volledige AOW-bedrag opgebouwd. Na 50 jaar heb je recht op 100%.

Hoeveel heb je eigenlijk nodig?

Het bruto AOW-bedrag voor een alleenstaande staat momenteel rond de 1.350 euro per maand. Voor een samenwonend paar is dat samen ongeveer 1.850 euro. Probeer daar eens van te leven in een kleine gemeente waar de huur al snel 800 euro per maand is. Je snapt het: je hebt aanvullend pensioen nodig.

Een vuistregel: richt op 70% van je huidige inkomen als pensioendoel. Als je nu 3.000 euro netto per maand verdient, wil je minimaal 2.100 euro per maand aanvullend op de AOW.

Dat betekent dat je een aanzienlijk kapitaal moet opbouwen. Maar geen paniek: door vroeg te beginnen en slim te kiezen, is dit haalbaar.

Optie 1: lijfrente — de klassieker

De lijfrente is de bekende weg. Je betaalt periodiek een bedrag aan een verzekeraar, en op een afgesproken datum krijg je een vast maandelijks bedrag tot je overlijden.

Voordelen: zekerheid, geen zorgen over beleggen, en fiscaal voordelig door de aftrekbaarheid van premies. De lijfrentepremie is aftrekbaar in de inkomstenbelasting, mits je een tekort hebt in je pensioenruimte. Dat tekort bereken je via de jaarlijkste aangifte inkomstenbelasting. Nadelen?

De rente op lijfrentepolissen is historisch laag. In 2024 ligt de rendementsvoet vaak tussen de 1% en 3%.

Daarnaast zit je vast aan een contract. Wil je vroegtijdig stoppen of aanpassen, dan betaal je boetes.

Bekende aanbieders zijn Nationale-Nederlanden, Aegon, en ASR. Vergelijk altijd de polisvoorwaarden en kosten, want die verschillen enorm.

Optie 2: beleggen via een beleggingsrekening

Geen zin in lage rendementen en starre contracten? Dan is zelf beleggen een krachtige optie.

Via een platform zoals DeGiro, Meeco, of Interactive Brokers kun je een diversifieerde portefeuille opbouwen met indexfondsen. Denk aan een wereldwijd gespreid fonds dat de MSCI World of S&P 500 volgt. Historisch gezien leveren zulke fondsen een gemiddeld rendement van 7% tot 9% per jaar op de lange termijn.

Het voordeel: je hebt volledige controle. Je kunt geld storten wanneer je wilt, en opnemen wanneer je wilt.

Geen boetes, geen vastlopende contracten. Het nadeel: je draagt het volledige risico. De beurs kan dalen, en als je precies op dat moment geld nodig hebt, kan dat pijn doen. Daarom geldt: beleggen is pas slim op een horizon van minimaal tien tot vijftien jaar.

De fiscadeel van box 3

Let op: beleggingen vallen in box 3 van de inkomstenbelasting. Je betaalt vermogensrendementsheffing over een fictief rendement op je totale vermogen.

In 2024 is het forfaitaire rendement op spaargeld 1,03% en op beleggingen 6,04%. De belasting is 36% over dit fictieve rendement. In de praktijk betekent dit dat je effectieve belasting oploopt tot ongeveer 2,1% van je vermogen. Dat is relatief laag vergeleken met inkomstenbelasting, maar het is iets om mee te rekenen.

Optie 3: de banksparen als veilige buffer

Banksparen is de meest eenvoudige vorm van pensioenopbouw. Je zet maandelijks een vast bedrag op een spaarrekening. De rente op spaargeld is in 2024 gestegen naar ongeveer 2,5% tot 3,5% bij banken zoals Bunq, Knab, of de spaarrekeningen van ING en Rabobank.

Dat klinkt aantrekkelijk vergeleken met de afgelopen jaren, maar let op: inflatie eet je rendement op.

Als de inflatie 3% is en je rente 3%, heb je in feite nul rendement. Toch is banksparen zinvol als buffer.

Het is geld dat je snel kunt opnemen, zonder risico. Combineer het met beleggen: houd zes maanden aan uitgaven op je spaarrekening en beleg de rest. Zo heb je altijd een vangnet.

Optie 4: pensioen via een stamrechtpolis

Een stamrechtpolis is een eenmalige investering bij een verzekeraar, waarvoor je levenslang een vast maandelijks bedrag ontvangt. Het is vergelijkbaar met een lijfrente, maar dan in één keer inleg.

Dit is interessant als je een bedrag te besteden hebt, bijvoorbeeld uit een erfenis of de verkoop van je bedrijf. De opbrengst hangt af van je leeftijd bij aankoop: hoe ouder je bent, hoe hoger de maandelijkse uitkering. Verzekeraars zoals Brand New Day en Allianz bieden stamrechtpolissen aan.

Optie 5: je bedrijf als pensioeninstrument

Als ZZP'er in een kleine gemeente heb je misschien een bedrijfspand, een machinepark, of andere activa. Deze kunnen indirect bijdragen aan je pensioen.

Denk eraan: als je bedrijf verkoopt, komt er een bedrag vrij. De verkoop van een eenmanszaak is onder voorwaarden vrijgesteld van belasting via de oudedagsreserve.

Je kunt jaarlijks een deel van je winst reserveren in de oudedagsreserve (FOR), en dat is aftrekbaar in de inkomstenbelasting. Het maximum bedrag hangt af van je pensioentekort, maar kan oplopen tot tienduizenden euro's per jaar. De FOR is een van de meest onbenutte fiscale voordelen voor ZZP'ers.

Het geld wordt op een aparte rekening belegd en pas belast bij opname. Combineer dit met een lijfrente en je hebt een krachtige pensioenmachine.

Concreet voorbeeld: ZZP'er in Vlissingen

Stel: je bent een ZZP'er in Vlissingen, 35 jaar oud, en verdient 3.500 euro per maand. Je wilt op 67 met pensioen.

Dat geeft je 32 jaar om op te bouwen. Je hebt een pensioentekort van 15.000 euro per jaar (te berekenen via de Rijksoverheid website).

Je besluit om 500 euro per maand te beleggen in een wereldwijd indexfonds met een gemiddeld rendement van 7%. Na 32 jaar heb je ongeveer 630.000 euro opgebouwd. Daarvan kun je 4% per jaar opnemen, oftewel 2.100 euro per maand.

Combineer dat met je AOW van 1.350 euro en je hebt 3.450 euro per maand. Comfortabel. En als je daar nog eens 200 euro per maad aan FOR aftrek toevoegt, wordt het plaatje alleen maar mooier.

Begin vandaag, niet morgen

Het grootste vijand van pensioenopbouw is uitstelgedrag. Je denkt: ik begin volgende maand.

Of: ik wacht tot ik meer verdien. Maar elke maand die je wacht, kost je duizenden euro's aan opgebouwd rendement.

Zet vandaag nog een automatisch bedrag opzij. Kies een optie die bij je past. En als je het niet zeker weet, loop dan even bij een onafhankelijk financieel adviseur.

In een kleine gemeente vind je die vaak via netwerken zoals de lokale ondernemersvereniging. Want pensioen opbouwen is geen luxe. Het is noodzaak. En het is makkelijker dan je denkt.


Hendrik Janssens
Hendrik Janssens
Bestuurder bij de ondernemersvereniging VOC

Hendrik zet zich in voor een bloeiend ondernemersklimaat in Vlissingen.

Meer over Belasting voor lokale ZZP'ers

Bekijk alle 36 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe regel je de administratie als startende ZZP'er in een kleine gemeente?
Lees verder →